oost west thuis best

Jaren terug zijn wij gezinshuisouders geweest. Dit blijft een prachtige herinnering van bijzondere jaren. Nadat wij gestopt waren met het gezinshuis, zijn wij pleegouders geworden. Uit die tijd hebben wij wel dierbare vriendschappen overgehouden. Mede omdat een ‘buitenstaander’ vaak niet begrijpt, hoe het is om 24/7 met andermans kinderen samen te leven. Hoe het je leven verrijkt, maar ook hoe zwaar het op bepaalde momenten kan zijn.

Als auditor kom ik ook regelmatig achter de voordeur bij veel gezinshuizen. Als ik dan bij ze aan de keukentafel zit, zie ik bij veel hun passie en hun gedrevenheid voor dit werk. Maar ook komt regelmatig de werkdruk ter sprake. Dat ‘eigen tijd’ er wel eens bij inschiet. Terwijl dat juist ook zo belangrijk is, anders houdt je het niet vol.

Daarom bieden wij wel eens aan om op te passen. Zo ook het afgelopen weekend bij bevriende gezinshuisouders. Zodat zij na jaren weer eens met hun eigen kinderen en aanhang een weekend weg konden.

Ik blijf dat machtig mooi vinden. Samen weer even onder één dak wonen met allemaal verschillende kinderen. Aan een lange tafel met elkaar eten. Ieder met zijn, haar verleden, maar op deze wijze toch een geheel, een gezin.

Ik moest afgelopen weekend toen ik naar deze kinderen keek, hun verhalen hoorde, ook denken aan de documentaire van vorige week van Alex de Bokx. Hij beschrijft in deze documentaire precies wat de kracht is van een gezinshuis. Elke dag, elke maand, elk jaar zijn er dezelfde ‘opvoeders’. Hier mag je lang blijven. Hier is het veilig. Dit is jou thuis.

Dat merkte ik afgelopen weekend ook aan de kinderen. Dit is voor nu hun thuis. Ze gaan naar de voetbal en komen thuis met alle shirts van het team die gewassen moeten worden; “Moeders het is jouw beurt voor de was”. Hoe fijn is het voor een kind om dit te kunnen zeggen. Zaterdagavond met z’n allen met wat lekkers voor de TV. Samen het konijnenhok verschonen. Bloemen op tafel, fruit in de fruitschaal, kaarsen branden.

Onze dochter van zeven verwoorde het mooi toen wij zondagavond weer naar huis reden; “Wat is het een fijn huis. Het lijken gewoon allemaal broertjes en zusjes van elkaar. Kei gezellig!”

 

15 jaar in ons hart

Lieve jongen,

Net voor je achtste verjaardag kwam je in ons leven. Een vrolijk, bijdehand, druk, onzeker jongetje. Prachtige blauwe ogen. Die vaak vrolijk en ondeugend staan, maar soms ook verdrietig of boos.

Vandaag is je verjaardag, 23 jaar oud. Dat betekend dat je alweer 15 jaar in ons hart zit. Daar zul je altijd een plek houden, want wat hebben wij veel met jou meegemaakt.

Mooie dingen in ons gezinshuis. Scouting, voetballen, de vakanties met je opa en oma, het leven in een gezin. Je genoot er zó van. Al had je toen soms ernstige driftbuien of gedragsproblemen, iedereen om jou heen mocht je. Jij had en hebt een ‘gunfactor’. Mede door je open en stralende gezicht.  Je humor en je karakter.

Maar wij hebben ons ook vaak zorgen gemaakt. Toen je gedragsproblemen ernstiger werden. Zoveel verhuizingen op jonge leeftijd, om maar die geschikte woonplek voor je te vinden. Periodes dat niemand tot je leek door te dringen. Weken dat wij je niet konden bereiken. Dat je vast zat.

Verdriet toen wij je opzochten in een gesloten jeugdinrichting. Dat beeld van jou, als kind in een cel,  raak ik nooit meer kwijt. Jij hoorde daar zó niet thuis, maar hulpverleners  konden op dat moment geen juiste woonplek voor je vinden. Dat wij je moesten vertellen dat je niet meer in ons gezinshuis kon wonen, was ook zo’n klote moment.

Maar het grootste verdriet was toch wel het overlijden van je opa en oma. Eerst je opa door een ziekte en daarna je oma door een noodlottig ongeval. Zij waren als ouders voor jou. Knokte met alles wat ze in zich hadden, om jou een zo normaal mogelijke jeugd te geven, omdat hun dochter dat niet kon. Zoveel respect voor deze mensen. Wat had ik in die periode met je te doen. Jij, die al zo worstelt met je emoties, moest dit zware verlies ook nog eens verwerken. Bijna onmogelijk.

Inmiddels ben je een volwassen man. Deze foto van jou staat op mijn nachtkastje. Ik kijk er vaak naar. Want ik zie nog steeds dit jongetje in jou. Ondanks je heftige jeugd, doe je je best om je draai te vinden in deze maatschappij. Met vallen en opstaan, maar je geeft niet op. Soms ben je niet te peilen, houdt je je gebruiksaanwijzing, maar dat maakt jou juist zo uniek. Ik blijf genieten van je humor en de glinstering in je mooie blauwe ogen.

15 jaar geleden ben je in ons hart geboren en we houden van je om wie je bent. Gefeliciteerd lieverd!

Geluk zit in kleine dingen

De zomervakantie is weer voorbij. Wat een prachtige maanden met volop zon, hitte, vrijheid en blijheid. In deze maanden hebben wij jou ook beter leren kennen, ons weekendpleegkind.

Met de keren dat je kwam, ging het afscheid met je moeder beter. Werden de ‘sterke verhalen’ minder en voelde je aan dat je bij ons mag zijn zoals je bent. En wat ben je leuk, grappig, ondernemend, ondeugend en vrolijk.

Onze dochter geniet ook van je aanwezigheid. Jullie versterken elkaar. Maken ruzie, net als zusjes, maar kunnen ook uren heerlijk samen spelen. Allebei gek op paarden.

Wat mij snel opviel; je geniet van de gewone dingen. Weekendpleegzorg houdt wat ons betreft dat ook in, het kind het ‘normale’ gezinsleven’ meegeven. Spelletjes spelen. Naar de winkel. Thuis restaurantje spelen. Uitgebreid douchen. Werken in de tuin. Jouw wereld samen met je moeder is heel klein. Jullie hebben geen familie en je moeder komt op de fiets nooit buiten de stad. Wij kunnen jou daarom al zo blij maken met een autoritje. Ik zie je dan genieten van ” de grote buiten wereld”.

We hebben je meegenomen naar plekken waar je nog nooit geweest bent; een restaurant, het theater, een museum. Naar onze familie. Onze vriendengroep omarmde je gelijk. Je zuigt het allemaal op en zei al meerdere keren met het naar bed gaan; “Dit was mijn leukste dag ooit.”

Dat is ook gelijk wat jij ons leert. Dat je moet genieten van de ‘simpele’ dingen in het leven. Dat wat in onze ogen vaak heel gewoon is, voor veel kinderen in Nederland niet gewoon is. Wij vinden belangrijk dat onze dochter dat meekrijgt. Al worstelt zij ook wel eens met het verdriet dat zij ziet bij jou.

Het verdriet dat je nog steeds hebt als we naar bed gaan. Hoe spannend je het vindt om alleen op een kamer te liggen, omdat je thuis samen met je moeder in één kamer woont. De angsten uit het verleden die jij met je meedraagt.

Wij hebben onze zorgen over je woonsituatie. Je plek op school. Dat je nog niet op een sport zit. Daar hopen we je stapje voor stapje in te begeleiden, samen met je moeder. Zodat je hopelijk daardoor wat meer zelfvertrouwen krijgt. Je dingen kan en mag, die horen bij een achtjarige.

Want je wilt niet bijzonder of speciaal zijn. Je wilt gewoon zijn.