We krijgen niet allemaal dezelfde kansen

Je wordt geboren als kind. Geen kind vraagt erom, geboren te
worden. Daarom verdient elk kind dat geboren wordt alle aandacht,
liefde en zorg die hij of zij maar nodig heeft.
En waar jouw wieg staat, kan mede je toekomst bepalen. Hoe veilig en
stabiel je kan opgroeien. Je kansen. Je mogelijkheden. Er gewoon mogen
zijn.

Ik heb, sinds ik met pleegzorg in aanraking ben gekomen, ervaren dat
niet elk kind dezelfde kansen krijgt in deze wereld. Als jij geboren
wordt in een thuis, wat geen thuis voor je is en ook nooit een thuis
kan worden, sta je er als baby al alleen voor. Als jij de pech hebt
dat je vader en/of moeder verslaafd is, sta je er als baby al alleen
voor. Als er huiselijk geweld is, waar toevallig jouw wieg staat, sta
je er als baby al alleen voor.

Ik heb nooit geweten, voor ik de zorg van pleegkinderen op mij nam,
hoe belangrijk de eerste jaren na je geboorte zijn. Dan vormt zich de
hechting naar een vader en/of moeder. Ervaart een kind veiligheid.
Bescherming. Liefde. Hoe klein ze ook zijn. Elke vorm van spanning,
terreur, pijn en verwaarlozing ervaren ze, slaan ze op en nemen ze mee
als bagage in hun verdere leven. Heeft ze al beschadigd. Geeft een
kind al littekens, waar hij of zij helemaal niks aan kan doen.
Onschuldig.

Gelukkig worden heel veel kinderen van jongs af aan in pleeggezinnen
opgevangen. Bloeien ze alsnog op tot stabiele persoonlijkheden.
Ervaren ze hechting, liefde. Ze mogen er zijn.
Helaas is er niet voor alle kinderen een gezin, een thuis. Helaas
verblijven er nog heel veel kinderen in een instelling. Sommige zijn
daar ook beter op hun plek. Kunnen de hechting (nog) niet aan van een
gezin. Maar sommige horen daar echt niet thuis. Al deze kinderen gun
ik een thuis. De een pertinent en wie nog geen gezin aan kan, een
weekend, een vakantie, verblijven in een gezin. Even niet de drukte
van een groep. Even niet alles hoeven delen. Even gewoon mogen meedoen
in een gezin. De dagelijkse boodschappen. Een spelletje aan tafel. Met
een bakje chips op de bank voor de TV. Heerlijk lang douchen. Iets
opbouwen. Onderdeel mogen worden van een familie. Op school, op de
groep en op de sportclub kunnen zeggen dat je een (pleeg)moeder en
(pleeg)vader hebt. Wie je bellen. Een kaartje sturen. Op je verjaardag
komen. Waar je met de feestdagen naar toe kan.

Voor velen kinderen kan dat net het steuntje in de rug zijn, dat ze
zelfverzekerder worden. Sterker. Dat ondanks hun beperkingen, hun
littekens, ze ervaren dat er mensen om ze geven. Dat ze een plekje
hebben in iemands hart.

Ik weet uit ervaring hoe zwaar deze maand voor vele kinderen binnen
jeugdzorg is. Al die blije reclames op de televisie van ‘happy
families’. De gezellig ingericht woonkamers met kerstbomen, waar vaak
ook nog de grootste cadeaus onder liggen. Verhalen op school wat een
ieder voor leuks gaat doen in de kerstvakantie met zijn of haar gezin.
En jouw wieg stond helaas op die plek. Waar jij helemaal niks aan kan
doen.

Overweeg het samen met je partner, je gezin, je familie als jij straks
wel aan die lange, warme, gezellig tafel zit met je dierbaren, om
pleegouder te worden. In welke vorm dan ook.
Want teveel kinderen zitten zelfs met de feestdagen in een instelling.

Mijn wens voor 2015 is dat er minder kinderen tijdens feestdagen in
een instelling hoeven te verblijven. Ook een thuis hebben. Mag een
kind volgend jaar bij jou kerst vieren?
Overweeg het.

Voeg toe aan je favorieten: Permalink.

Eén reactie

  1. Pingback:We krijgen niet allemaal dezelfde kansen | Gezinsvormen.nl

Geef een reactie